Te gek voor woorden!
Blaadjes per m2
![]()
Het is weer lente. Het heeft even geduurd, maar ook dit jaar krijgen de bomen weer groene blaadjes. Nu is het interessant om te weten wat zo'n boom nu aan blaadjes maakt. Aangezien bepaalde natuurbeheerders alles willen weten van wat ze aan natuur beheren weten we hoeveel blaadjes er aan een boom groeien.
Albertus Seba
Albertus Seba was een succesvol apotheker die van 1700 tot 1736 niet enkel een apotheek had, maar vooral beroemd werd vanwege zijn Hobby. Zijn succes als apotheker gaf hem de kans om zijn echte passie na te streven: het verzamelen. Seba rende, wanneer de schepen aangekomen waren, naar de haven om te onderhandelen met zeilers en scheepschirurgen over de exotische planten en dierlijke producten die hij zou kunnen gebruiken voor het bereiden van medicijnen. Naast de geneeskrachtige elementen en kruiden had hij een grote verzamelwoede die van alles besloeg; zoogdieren, vogels, schelpen, insecten en slangen. Hoe exotischer hoe beter.
Het complete naslagwerk heette heel ‘bescheiden’ Locupletissimi rerum naturalium thesauri accurata descriptio - Naaukeurige beschryving Van het schatryke kabinet der voornaamste seldzaamheden der natuur. Linnaeus bezocht het kabinet van Albertus Seba in 1735 het jaar voor Seba’s dood. Linnaeus zou in zijn werk maar liefst 284 keer citeren uit het werk van Seba. De eerste twee delen van Seba's collectie werden nog uitgegeven toen hij leefde, het derde en vierde deel pas ver na zijn dood toen zijn tweede verzameling uiteen gevallen was door een openbare veiling. Het waren stuk voor stuk bijzondere boeken waarin wetenschap, verbeelding en kunstzinnige interpretatie verweven waren. De platen werden gemaakt door een keur van kunstenaars en graveurs die alles met een groot oog voor detail en een uiterste precisie in een mooie rangschikking weergaven. Een van de boeken gaat over zeeleven en werd voorbereid door Peter Artedi. Hij maakte zijn werk echter niet af. Na een etentje bij Albertus Seba had hij zoveel gedronken dat hij in de gracht viel en verdronk. In totaal werden er door verschillende kunstenaars 446 platen gemaakt in zwart-wit. Omdat kleurige platen beter verkochten werden de afbeeldingen later met de hand nog ingekleurd. Dat alles maakt de Naaukeurige beschryving Van het schatryke kabinet der voornaamste seldzaamheden der natuur van Seba tot een meesterwerk van onschatbare waarde.Pinkzout
Pinkzout, nee ik had er ook nog nooit van gehoord en toch bestaat het. De jassen die gebruikt worden voor de vossenjacht zijn rood. Het pinkzout wordt gebruikt om deze katoenen jassen te kleuren. Een dergelijke jas wordt daarom in Engeland een Pinkcoat genoemd wat dus helemaal niets met roze of bij de pinken zijn te maken heeft.
fabergé eieren
![]()
Je hebt eieren en je hebt Fabergé eieren. Het fijne onderscheid is dat je bij Fabergé eieren je jezelf niet hoeft af te vragen wat er eerst was, want er is namelijk geen kip aan te pas gekomen. Fabergé eieren zijn kunstwerkjes zoals je niet veel zal zien (als je er al ooit een te zien krijgt). Met veel juwelen, edelmetalen en gesteenten. Ieder ei heeft zijn eigen naam en geschiedenis. Zo heet dit mooie groene exemplaar het Kelch Apple Blossom Egg of ook wel Jade Egg (ondanks dat het ei niet van jade maar van nefriet gemaakt is). Dit ei werd in 1901 door Fabergé gemaakt voor meneer Kelch die er mevrouw Kelch mee wilde verrassen. Het ei is ongeveer 14 cm lang, 10 cm hoog en staat op pootjes. Maar dan niet zomaar pootjes, nee het zijn rood en groen gouden bloesemtakken in de knop die het ei in de lucht tillen. De bloesems zijn van wit en rozig emaille met als hart een rose diamant. Het is al met al een heel mooi voorbeeld wat er gebeurt als art nouveau en japanse invoeden elkaar vinden in een ontwerp. Nu schijnt het zo te zijn dat het ei niet een op zich zelf staand cadeau bedoelt was, maar ook als verpakking diende voor een ander sieraad dat zijn opwachting maakte op een bedje van fluweel aan de binnenzijde. Wat het was is helaas niet bekend. Het was hoogstwaarschijnlijk ook iets met goud of diamanten.
Het hele circus rondom de juweel-eieren begon in 1885. De Russische Tsaar (de een na laatste) gaf zijn favoriete juwelier Peter Karl Fabergé de opdracht om een paasei-juweel te maken als gift voor zijn vrouw. Dit viel zo goed in de smaak dat het een ware traditie werd. De laatste Tsaar, Alexander III liet zelfs twee eieren per jaar maken door Fabergé, iets wat deze graag deed. In totaal maakte hij met zijn atelier vele eieren die overigens ook door andere zeer rijke personen gekocht werden. Het verhaal gaat dat zelfs de Tsaar niet wist wat voor ei hij zou gaan geven, noch wat voor verrassing het zou bevatten. In totaal zijn er (zover bekend) nog rond de 50 eieren bewaard gebleven. Het atelier van Fabergé werd gesloten na de Russische revolutie (1918) en (op een latere telg na) werden er vervolgens geen Fabergé-eieren meer gemaakt. Dat maakt de bestaande eieren zo kostbaar en uniek dat er nu nog steeds mensen speuren naar de verdwenen exemplaren. Zo werd er in 2001 nog een ei teruggevonden. Het was het laatste, nooit voltooide ei voor de tsarina.
rimpelvingers
Rimpelvingers en rimpelige tenen na het badderen of lekker lang zwemmen heeft iedereen wel eens. “De huid heeft zeker teveel water opgenomen” is lang de redenatie geweest, maar dit blijkt dus niet te kloppen. Dode mensen krijgen (vraag me niet hoe ze hier achter zijn gekomen) geen rimpelhanden. Iets minder luguber, ook lepra patiënten of mensen met een getransplanteerde vinger zijn vrij van rimpelverschijnselen. Nee, het is ons centrale zenuwstelsel dat er voor zorgt dat onze handen aan het rimpelen slaan. De zenuwen laten de bloedvaten in onze vingertoppen vernauwen zodat er rimpels ontstaan. Gemiddeld ontstaan die rimpellingen al na drieënhalve minuut. Met ouwe vrouwtjeshanden tot gevolg. Maar waarom? Meer grip op de natte ondergrond zou zomaar het goede antwoord kunnen zijn. Het blijkt namelijk zo te zijn dat je met rimpelige vingertoppen sneller bent in het grip krijgen op voorwerpen om ze te verplaatsen. Omdat het vlakke oppervlak van de vinger water niet snel afvoert ontstaan de rimpels vooral daar aan de zijkant van de vingers is het bijna nooit rimpelig (tenzij je natuurlijk echt oud vel hebt). De rimpels vormen een soort afvoerkanaaltjes waardoor water sneller afgevoerd kan worden. Het is dus duidelijk dat rimpels in natte omstandigheden voordeel opleveren. In droge omstandigheden geldt dat niet. Dat beantwoord voor mij meteen de vraag waarom we niet altijd met rimpels rondlopen. Samentrekken van huid (want dat is wat er feitelijk gebeurt als de bloedvaten zich vernauwen) kost energie en als het toch niet nuttig is kun je die energie beter aan iets nuttigs besteden. Zoals lekker slapen.
Jónófón
![]()
Een Jonofón
is een hele basic grammofoonspeler ontworpen door de designer Jón HelgiHólmgeirsson. Het bijzondere ding dat erg doet denken aan zo’n heel ouderwetse
grammofoonspeler met toeter en stokdove terriër schijnt ook nog te werken ook. Maar
hoe dan? Nou, laat ik daar nou net wat informatie over bij elkaar gezocht
hebben.
hoedenmaker
De eerste hoge hoeden uit de 16e eeuw waren van een heel ander slag. Het materiaal dat voor deze eerste generatie hoge hoeden werd gebruikt was vilt gemaakt uit beverbont. Aangezien de Latijnse naam voor de bever Castor Fiber is werden de hoeden Kastooren genoemd. Veel meer dan tegenwoordig besteedden mannen hun tijd in de buitenlucht, waardoor hun hoed goed bestand moest zijn tegen alle natte elementen van het weer. Het belangrijkste aan een goede hoed was dat hij zacht aanvoelt, door overmatige lijm niet te hard is, geen water opzuigt en daarnaast schoon en duurzaam zwart is. De waterdichte eigenschappen van beverpels waren ideaal voor het maken van dergelijke stijlvolle hoeden. Er is niet heel veel bekend over de samenstelling van een Kastoor-hoed. Het weinige dat ik heb kunnen vinden komt uit het boek “volledige verhandeling der manufaktuuren en fabrieken” door Johan Hendrik Gottlob van Usti uit 1782 (en later door een kritische hoogleraar voorzien van menig scherpe voetnoot), vertaald uit het hoogduits en gedrukt in Utrecht. Het blijkt dat er hoeden bestonden die geheel uit bevervilt waren gemaakt, maar dat het maken van dergelijke hoeden een hele toer was omdat je niet zo maar van beverhaar vilt kon maken. Het leuke van het boek is dat in de voetnoten deze bewering wordt tegengesproken. Onze kritische hoogleeraar tekent aan dat je makkelijk vilt van beverhaar maakt, maar dat dit niet gedaan wordt omdat het te duur is. Aangezien het boek uit de nadagen van de Kastooren stamt kan dit heel goed kloppen. Bevers waren gewoonweg een schaars goed geworden. Verder meldt het boek dat er Heele Kastooren bestaan met veel beverhaar met daarnaast fijne wol van konijnenhaar en hazenhaar, aangevuld met 'Struiswolle' (geen wol van de struisvogel, maar een soort vilt van oostenrijks geitenhaar) en kameelhaar Er bestonden ook Halve Kastooren met minder beverhaar en Kwart Kastooren zonder zelfs helemaal een enkele beverhaar.
Het klinkt groen
Ooit van een letter-kleursynestheet gehoord? Nou ik niet (tot een tijdje terug). Een letter-kleursynestheet ziet of voelt kleuren bij letters. Heel maf. Maar het kan nog gekker. Er zijn ook synestheten die bij geuren kleuren zien of muziek kunnen proeven. Eigenlijk is het een onwillekeurige neurologische aandoening, waarbij de zintuigen met elkaar ‘mengen’, maar zolang het niet storend is kun je het ook een gave noemen.
iedere spin z'n kruis
De Kruisspin (Araneus diadematus) is een vaak voorkomende spin in de tuin. Volgens een legende verkreeg de Kruisspin de witte kruisvormige tekening op haar rug toen Jezus bij zijn kruisiging werd lastig gevallen door vliegen. Een spin had medelijden met Jezus en spon haar web in zijn doornenkroon zodat de vliegen in haar spinnenweb gevangen werden. Als beloning mocht de spin voortaan een kruis op haar rug dragen. Omwille van deze opvallende tekening werd de Kruisspin tijdens de Middeleeuwen nog gedurende lange tijd vereerd in Europa. Het vereren van toen is tegenwoordig veranderd in onderzoek. Zo zijn wetenschappers er nu achter gekomen hoe de kruisspin aan haar kruis komt.
Dit was alweer de 250e blog van Frumingelo!
deathstarsculpture battery Michel de Broin
strandvondsten
Diana Beltran herrera papieren vogels
![]()
Je zal maar vogeltjes maken van papier. Eerder schreef ik al eens iets over vogels van crêpepapier, maar Diana Beltran herrera maakt vogels van doodgewoon gekleurd papier. Haar creaties zijn echter allesbehalve doodgewoon en o zo herkenbaar. Neem maar van mij aan dat het een enorm karwei is om een vogeltje te vouwen en te knippen. Om het ergens op te laten lijken is al knap, maar met het vogeltje waar mijn oog op viel was nog iets anders aan de hand. De kunstenares heeft het diertje (dat zich waarschijnlijk tegen het raam heeft doodgevlogen) opengewerkt zodat het interne orgaanstelsel zichtbaar is.
(oeps, toch twee woorden)
talisman vs amulet
Een talisman kan het zelfde zijn als een amulet, maar toch zijn er kleine verschillen. Aan een amulet worden vaker beschermende krachten toegeschreven om te beschermen voor gevaar, waar een talisman het zelfde doet maar dan vanuit een geluksbrengende functie. Het is dus maar net hoe je tegen het leven aankijkt; wil je het kwaad afschermen of lachend omzeilen?Zowel talisman als amulet hebben zeer uiteenlopende vormen. Van een kippenbotje of een konijnenpootje tot aan een beeltenis van een heilige, aan al deze dingen wordt een waarde toegeschreven. Meestal wordt het voorwerp gedragen door diegene die geluk of bescherming zoekt, maar er is ook een vorm waarbij dit juist niet gebeurt.
In Cartago in Costa Rica bijvoorbeeld staat de Basílica de Nuestra Señora de Los Ángeles. Deze zwarte Maria zou genezing en bescherming bieden tegen lichamelijke ongemakken zoals gebroken ledematen en ontstoken ogen. Gelovigen komen naar deze plek toe om amuletten op te hangen in de vorm van hun zorg. Er zijn ter plekke grote vitrinekasten vol met amuletten van ogen, armen, benen en uiteraard harten.
Natuurlijk zijn er personen die het dragen van een talisman of een amulet maar grote onzin vinden. Die mening is natuurlijk ieders goed recht. De vraag of een amulet of talisman wel echt werkt is eienlijk helemaal niet relevant. Zolang er mensen zijn die positieve kracht ontlenen aan hun eigen kleine voorwerp met bijzondere waarde werkt het. Daar kan geen wetenschap tegen op.
Noorderlicht
![]()
Het Noorderlicht hangt samen met uitbarstingen op de zon, waarbij grote hoeveelheden elektrisch geladen deeltjes naar alle kanten het heelal in geslingerd worden. Het aardmagnetisch veld zorgt ervoor dat de deeltjesstroom in de omgeving van de aarde worden afgebogen en in de buurt van de Noord- en Zuidpool met een snelheid van 1600 km/sec de atmosfeer binnen kan dringen. De deeltjes bevatten veel energie, die in de bovenste kilometers van de atmosfeer door botsingen wordt overgedragen op zuurstof- en stikstofmoleculen op 80 tot 1000 kilometer hoogte. Door de grote extra hoeveelheid energie raken de moleculen als ware uit balans. Om weer in balans te geraken wordt er energie afgestaan in de vorm van een kleurige lichtflits. De soort kleur hangt af van het soort deeltje waarop het elektron botst en van de luchtdruk waarbij de botsing plaatsvindt. Een lage druk met zuurstof geeft geelgroen en bij een nog lagere druk rood. Een botsing met deeltje stikstof geeft een blauwe kleur. Omdat de lucht natuurlijk niet overal de zelfde druk heeft en altijd een mengsel is van zuurstof en stikstof (met hier en daar op deze hoogte nog wat anders) ontstaan vele variaties, van fletsgroen tot en met purperpaars. Omdat de deeltjes in golven de atmosfeer doordringen en zich richten naar het magnetisch veld ontstaan bewegende bogen, stralenbundels of schuivende gordijnen van licht, maar vaker is het een lichte kleurige gloed. Het maakt van Noordelicht (wat overigens op de zuidpool anders heet) een magisch schouwspel.
veldgegevens
![]()
Bij het bestuderen van flora en fauna in een natuurgebied of je achtertuin is een notitieblok natuurlijk een onmisbaar artikel. Het wordt met ieder veldbezoek (of lekker op expeditie in de tuin) weer verder gevuld met waarnemingen en kennis over het bestudeerde fenomeen. Dat maakt ze waardevolle documenten. Nu kun je natuurlijk heel droog lijstjes met namen maken, netjes met datum, coördinaten en de weersomstandigheden, maar dat is niet iets waar mensen over een eeuw nog naar omkijken. Wat dat betreft had Leonardo Da Vinci het beter bekeken. Hij maakte bij zijn aantekeningen schema's en tekeningetjes die soms grof en soms juist verfijnd waren. Dat (samen met de vooruitziende blik van deze genie) maakt dat ze nu nog steeds bestudeerd worden. Een ander mooi voorbeeld is William D. Berry (1926-1979) Hij maakte in Alaska een hele serie kleine schetsen van wilde zoogdieren zoals beren (zie hierboven) en wolven met daarbij zijn bevindingen over het gedrag van deze wilde dieren. Door de tekeningen gaat het verhaal erbij leven. Het mooie van tekeningetjes is dat de tekenaar de nadruk kan leggen op juist datgene dat hem opviel bij zijn observatie. De ene keer is dat een dikke wintervacht, de andere keer een bijzondere pose of karakteristieke gezichtsuitdrukking. Het maakt dat je meegenomen wordt in een wereld die enkel een goed observator voor je kan ontsluiten, een wonderlijke wereld.
memo pad apple
![]()
Geen idee wie deze geniale fruitige memoblaadjes bedacht, maar ik vind ze zo leuk dat ik ze toch in mijn verzameling wil hebben. Naast pear nu ook in apple.
levensechte anatomische gezichtsreconstructie

Alle dertig spieren uit een gezicht hebben twee aanhechtingsplaatsen en een vaste opbouw waarin ze in het gezicht voorkomen. Al deze spieren kunnen zich onafhankelijk van elkaar samentrekken. Aan de aanhechtingspunten (ruwere plekken) op de schedel kun je zien waar de gezichtsspieren waren aangehecht, hoe groot ze waren en hoe ze liepen. Degene die de reconstructie maakt moet daarom heel goed weten hoe een gezichtspier loopt en wat de dikte is om er daadwerkelijk iemand met een gezichtsuitdrukking van te maken. Hiertoe worden de spieren van binnen naar buiten weer terug aangebracht met boetseerklei. Doordat de aanhechtingsplaatsen van geen enkel schedel gelijk zijn ontstaat er iedere keer weer iets unieks. Naast de aanhechtingsplaatsen van de spieren wordt er ook gekeken naar de vorm van de oogkassen, de jukbeenderen en de kin. Het gebit kan informatie opleveren over de vorm van de lippen. De vorm van de neusholte levert vervolgens informatie over de lengte en breedte van de neus. Daar waar het verlengde van de neusbrug en het verlengde van het onderste uitsteeksel in de neusholte elkaar raken is het puntje van de neus. De breedte van de neus kan bepaald worden door ongeveer 3/5 van de lengte van de totale neuslengte te nemen. De neusgaten bepalen een belangrijk deel van de uitstraling van de neus, maar juist dat deel is niet goed te herleiden. Gokken dus. Het blijft sowieso een gok omdat de neus net zoals de oren uit zacht materiaal bestaan. Toch zijn bepaalde dingen meestal wel in verhouding, zoals het feit dat de oren meestal net zo groot zijn als de neus hoog.
Nu de spieren hun plek hebben kan er een huid overheen. Met houten pinnen op het schedel van een paar millimeter wordt de huiddikte aangeven. Deze is dun op het voorhoofd en wat dikker op de wangen, afgewerkt met wat echte huidstructuur. In dit stadium komt ook de verbeelding naar boven. Had de persoon in kwestie (lach)rimpels, littekens, een pukkel, een baard of alles in een? En welke kleur was het (gezichts)haar als daar niet iets over bekend is? Wat was de kleur van de ogen? Geen idee natuurlijk, maar toch ook wel. Uit gegevens hoe de persoon leefde kun je wel iets afleiden en de meeste mensen uit Afrika bijvoorbeeld hebben bruinzwart haar. Het (met de hand) aanbrengen van dat haar kan overigens wel ruim drie dagen duren. Maar ja, als je iets reconstrueert wat tienduizenden jaar oude botten weer een gezicht geeft, kunnen die drie dagen er ook nog wel vanaf. Zeg nou zelf, een onbehaarde Neanderthaler is toch geen gezicht?
Er zijn niet veel mensen die dit speciale, meesterlijke beroep uitoefenen. We kunnen in Nederland trots zijn dat we enkele mensen hebben die dit werk zó goed in de vingers hebben dat ze van over de hele wereld gevraagd worden voor hun levensechte (pre)historische reconstructies. Het werk van de gebroeders Kennis (en ja, ze hebben er zeer duidelijk verstand van) is te vinden over de hele wereld, maar ook op hun website: http://www.kenniskennis.com/site/Home/
Het gebruikte beeld bij dit verhaal is de ruwe versie van de reconstructie die de gebroeders Kennis maakten van Ötzi. Je kent 'm wel; Ötzi de ijsman.















